19-05-10

Woensdag 19 mei 2010: Jan Janssen wordt 70 jaar

Vandaag, woensdag 19 mei 2010, wordt de op 19 mei 1940 in het Nederlandse Nootdorp geboren voormalige Nederlandse beroepswielrenner Jan Janssen 70 jaar! Hij was van 1962 tot 1972 actief in de wielersport.

Jan Janssen
Jan Janssen

Alhoewel Jan Janssen in 1964 al wereldkampioen werd in Sallanches en in 1967 Parijs-Roubaix en als eerste Nederlander de Ronde van Spanje won, bleef hij bij ons vooral bekend om de manier waarop hij in 1968 op de valreep als eerste Nederlander de Ronde van Frankrijk won.

Herman Van Springel
Herman Van Springel

Onze landgenoot Herman Van Springel had in de 19e en vierdelaatste etappe -waarin tussen Grenoble en Sallanches drie kleinere cols moesten beklommen worden- de gele trui overgenomen van de Spanjaard Gregorio San Miguel.
Op 21 juli 1968 begon onze landgenoot Herman Van Springel als leider in het algemeen klassement met 12” voorsprong op San Miguel en 16” op Jan Janssen, aan de laatste etappe, een individuele tijdrit. Aangezien Janssen noch San Miguel nog nooit een belangrijke tijdrit had gewonnen gaven weinigen hen een kans om over de afstand van 55,2km tussen Melun en Parijs tegen de tijdritspecialist uit de Belgische Kempen hun achterstand goed te maken. Het draaide echter anders uit. Janssen reed de race van zijn leven, legde de rit af in 1u20’09” aan een gemiddelde snelheid van meer dan 41km/u en won de etappe met 54” voorsprong op Van Springel, genoeg om de leiding over te nemen in het eindklassement met uiteindelijk 38” voorsprong op de Belg, tot dan het kleinste verschil waarmee iemand ooit de Tour had gewonnen. Die andere Belgische tijdritspecialist, Ferdinand Bracke, snoepte uiteindelijk nog de derde plaats af van Gregorio San Miguel. Na Jean Robic in 1947 werd Jan Janssen daardoor de tweede Tourwinnaar die pas op de laatste dag de gele trui pakte en daarmee de eindoverwinning wist te grijpen.

Greg Lemond Laurent Fignon
Greg Lemond en Laurent Fignon

Een vergelijkbare situatie deed zich voor in 1989. Laurent Fignon –eerder al winnaar van de Ronde in 1983 en 1984-vertrok met een voorsprong van 50” op de Amerikaan Greg LeMond –die de Tour in 1986 al had gewonnen- aan de laatste etappe, opnieuw een tijdrit, maar deze maal van Versailles naar de Champs-Élysées wat een afstand is van “slechts” 24,5 kilometer. Dit betekende dat LeMond per kilometer ruim twee seconden moest goedmaken op Fignon. Met een zogenaamd triatlonstuur ging de Amerikaan voortvarend van start. Na vijf kilometer had hij zes seconden voorsprong op Fignon, na tien kilometer 18 seconden, na 16 kilometer 29 seconden en na 23 kilometer, bij het opdraaien van de Champs-Élysées, was het verschil 49 seconden. Door de tijdrit met 58 seconden voorsprong en aan een gemiddelde snelheid van 54.5km/u te winnen, boog Lemond de achterstand om in een voorsprong van acht seconden en dit na meer dan drie weken en 3285km fietsen! Later dat jaar zou Lemond ook nog wereldkampioen worden en het jaar daarop won hij de Ronde voor de derde maal.

Finish Fignon
Laurent Fignon stormt naar de finish maar komt 8” tekort…

Tot op heden is dit nog steeds het kleinste verschil tussen de winnaar en de tweede in de Ronde van Frankrijk.

Jan Janssen van zijn kant begon na zijn actieve wielercarrière een fietsenfabriek waar (race)fietsen onder de naam “Jan Janssen” worden geproduceerd. Eddy Merckx zou enkele jaren later hetzelfde doen.

17:57 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: wielrennen, ronde van frankrijk |  Facebook |

12-05-10

Vandaag, woensdag 12 mei 2010, is het precies 10 jaar geleden dat Adam Petty verongelukte

Vandaag, woensdag 12 mei 2010, is het precies 10 jaar geleden dat op 12 mei 2000 de Amerikaanse NASCAR-racer Adam Petty om het leven kwam.

Adam Petty
Adam Petty

Adam Petty werd geboren 10 juli 1980 in North Carolina en was de achterkleinzoon van Lee Petty die in de jaren ’50 furore maakte in het stockcarracen. In 1954, 1958 en 1959 werd Lee Petty NASCAR-kampioen. In dat laatste jaar –hij was toen al 45- won hij ook de eerste editie van de 500 mijlen van Daytona, weliswaar pas drie dagen na afloop van de wedstrijd toen de organisatie besliste om als winnaar van de wedstrijd –die op een millimeterfinish was geëindigd- niet Johnny Beauchamp maar Lee Petty uit te roepen. Hij won dat jaar trouwens 11 wedstrijden, een persoonlijk record.

Lee Petty
Lee Petty

daytona 500 1959
De legendarische finish van de allereerste Daytona 500 in1959. Lee Petty (met nr. 42 in het midden) en Johnny Beauchamp (onderaan met nr. 73). Bovenaan rijdt de gedubbelde Joe Weatherly.

richard petty
Rchard Petty

richard petty nr 43
De legendarische blauw-rood STP-wagen met het nummer 43 van “King” Richard Petty

Lee Petty reed zijn laatste race 1961. Op dat moment had zijn zoon Richard het heft al overgenomen. Richard Petty zou uitgroeien tot één van de grootste NASCAR-racers aller tijden. Tussen 1958 en 1992 –een periode van 35 jaar- reed hij 1184 wedstrijden waarvan hij er exact 200 won. Hij werd zeven maal kampioen –in 1964, 1967, 1971, 1972, 1974, 1975 en 1979- en won zeven maal de 500 mijlen van Daytona (1964, 1966, 1971, 1973, 1974, 1979 en 1981).

Kyle petty
Kyle Petty

Richard’s zoon Kyle was tussen 1979 en 2008 actief. Hij won acht wedstrijden maar werd nooit kampioen en kon nooit de Daytona 500 winnen.
Op 2 april 2000 debuteerde Kyle’s zoon Adam op 19-jarige leeftijd in de NASCAR Series in een 500 miles race op de Texas Motor Speedway in Fort Worth. Drie dagen later overleed zijn overgrootvader Lee Petty op 86-jarige leeftijd. Hij was net oud genoeg geworden om zijn achterkleinzoon te zien debuteren.

Adam Petty - het ongeval
Adam Petty: het ongeval...

Iets meer dan een maand later, op vrijdag 12 mei 2000, kwam Adam om het leven tijdens de trainingsritten voor de 200 miles race op de New Hampshire Motor Speedway in Loudon, meetellend voor de Busch Series, een kampioenschap net onder de NASCAR Winston Cup Series. Hij werd net geen 20 jaar oud.
Op hetzelfde circuit kwam later dat jaar ook de beloftevolle piloot Kenny Irwin Jr. in gelijkaardige omstandigheden om het leven.
Het circuit van New Hampshire leek wel vervloekt want het jaar daarop zou de NASCAR race doorgaan op zondag 16 september. Maar omdat de dinsdag ervoor -11 september 2001- de terroristische aanslagen op de WTC-torens hadden plaatsgevonden, werd de wedstrijd verplaatst naar 23 november.
En in 2006 en 2008 liep het ganse complex tot twee keer toe onder water als gevolg van hevige stortregens.
Na een continue aanwezigheid van een lid van de Petty-familie in het NASCAR gebeuren gedurende bijna 60 jaar, zijn we nu aan het tweede NASCAR seizoen bezig zonder de naam Petty in het deelnemersveld. Alhoewel, Richard Petty, ondertussen al 72 jaar oud, blijft er actief met zijn eigen team Richard Petty Motorsports. Mede-eigenaar van het team is George N. Gillett Jr. die ook mede-eigenaar is van de Britse voetbalploeg Liverpool F.C.

21:12 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: autosport, nascar |  Facebook |

21-04-10

woensdag 21 april 2010: 25 jaar geleden won Ayrton Senna zijn eerste Grote Prijs Formule 1

Vandaag, woensdag 21 april 2010, is het precies 25 jaar geleden dat Ayrton Senna zijn eerste Grote Prijs Formule 1 won.  

senna wint portugal

Ayrton Senna wint de Grote Prijs van Portugal
 

Op 21 april 1985 won hij in de regen op het circuit van Estoril de Grote Prijs van Portugal voor Michele Alboreto in een Ferrari, Patrick Tambay in een Renault, zijn ploegmaat Elio de Angelis en Nigel Mansell in een Williams-Honda.

Ruim één jaar daarvoor had hij op 25 maart 1984 zijn debuut gemaakt in de Formule 1 tijdens de Grote Prijs van Brazilië.

senna in monaco

Ayrton Senna in Monaco in 1984

Nauwelijks twee maanden later liet hij al een eerste keer van zich horen toen hij ei zo na de Grote Prijs van Monaco won en hij alleen door het -wegens de hevige regen- vroegtijdig afvlaggen van de wedstrijd van een overwinning werd gehouden. Hij zou de Grote Prijs van Monaco daarna nog zes keer winnen waarvan vijf maal op rij (1989-1993).

Senna zou in totaal 41 Grote Prijzen winnen maar was nooit recordhouder. Alain Prost zou hem altijd enkele gewonnen Grote Prijzen voor blijven.

Ayrton Senna werd driemaal wereldkampioen Formule 1, in 1988, 1989 en 1991.

Op 1 mei 1994 kwam hij om het leven tijdens de Grote Prijs van San Marino op het circuit van Imola.

senna laatste meters

Zijn laatste meters...

Van de eerste tien uit de uitslag van die Grote Prijs van Portugal uit 1985, kwamen later vijf piloten om het leven. Naast Senna kwam de als tweede geëindigde Michele Alboreto op 25 april 2001 om het leven bij het testen van een Audi-sportwagen met het oog op de 24 uren van Le Mans op de Duitse Lausitzring, de als vierde geëindigde Elio de Angelis crashte op 14 mei 1986 tijdens een Formule 1-testrit op het circuit van Paul Ricard en overleed de dag erna aan de gevolgen van zijn verwondingen, de als zesde geëindigde Stefan Bellof crashte op 1 september 1985 tijdens een sportwagenrace op Spa-Francorchamps toen hij probeerde om leider Jacky Ickx buitenom in te halen op de Raidillon en de als tiende geëindigde Manfred Winkelhock crashte op 12 augustus 1985 tijdens een sportwagenrace op het circuit van Mosport Park in Canada.

09:20 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: autosport |  Facebook |

02-01-10

zaterdag 2 januari 2010: 50 jaar geleden overleed Fausto Coppi

Vandaag, zaterdag 2 januari 2010, is het precies 50 jaar geleden dat op 2 januari 1960 in het Italiaanse Tortona de op 15 september 1919 in Castellania geboren Italiaans wielrenner Fausto Coppi op 40-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van malaria.

Fausto Coppi
Fausto Coppi

Coppi – die tweemaal de Ronde van Frankrijk en vijf maal de Ronde van Italië won (waarvan tweemaal in hetzelfde jaar) en in 1953 wereldkampioen werd – vocht tijdens zijn carrière constant duels uit met zijn landgenoot Gino Bartali. Die rivaliteit verdeelde het naoorlogse Italië in twee kampen waartussen je niet neutraal kon blijven. Zo had je vooral katholieken die Bartali steunden en Coppi verfoeiden omwille van zijn affaire met Giulia Locatelli.
Coppi was ongelukkig getrouwd met Bruna Ciampolini met wie hij een dochtertje Marina had. In 1951 leerde hij - toen hij opgenomen werd in het ziekenhuis na een val in de Giro - Giulia Occhini kennen, de vrouw van dokter Locatelli. Door haar hervond zijn lust in leven én wielrennen. Omdat zij altijd in witte kleding heimelijk bij de finish stond opgesteld, werd ze La Dama Bianca ofte wel "de Witte Dame" genoemd.
Dokter Locatelli laat de carabinieri binnenvallen in de villa van Coppi om de twee te betrappen op overspel. Beiden werden voor de rechter gedaagd wegens overspel. Ze werden veroordeeld en Giulia heeft daarvoor zelfs een aantal dagen in de gevangenis gezeten.

Giulia Locatelli
Fausto Coppi en La Dama Bianca, Giulia Locatelli

Coppi heeft altijd beweerd dat zijn wereldtitel op de weg in 1953 in Lugano het resultaat is geweest van zijn gevoelens voor Giulia die hem had toegezegd bij de finish op hem te zullen staan wachten, deze keer in zwarte kleren. Beroemd is dan ook de foto waarop de kersverse wereldkampioen van zijn geliefde de bloemen krijgt overreikt. Deze foto heeft destijds in Italië een grote schok teweeg bracht omdat toen pas echt duidelijk werd wat deze twee gehuwden voor elkaar voelden.

Faustino Coppi
Giulia en Fausto met Faustino Coppi

In 1955 schonk zij hem de liefdesbaby Angelo “Faustino” Coppi dat in Buenos Aires ter wereld kwam vanwege al de heisa die hun "verboden liefde" in Italië met zich had meebracht.
In december 1959 trok Coppi met een groep voornamelijk Franse wielrenners onder wie Anquetil, Geminiani en Rivière, voor een tournee naar Opper Volta, het huidige Burkina Faso, in West-Afrika. Hij keerde op 16 december terug naar Italië. Tijdens de kerstdagen van 1959 werd Fausto ziek. Hij kreeg hoge koorts en werd op 30 december overgebracht naar het ziekenhuis van Tortona. De dokters in Italië herkenden zijn ziekteverschijnselen in eerste instantie niet en gaven hem medicijnen ter bestrijding van een longontsteking. De toegediende medicatie versnelde echter zijn ziekteproces. In de ochtenduren van 2 januari 1960 overleed hij, pas 40 jaar oud.
Bij zijn begrafenis waren maar liefst 10000 mensen aanwezig.

Graf Fausto Coppi
Het graf van Fausto Coppi

Fausto Coppi werd begraven in Castellania vlakbij het graf van zijn broer Serse die in 1949 ex-aequo winnaar werd van Parijs–Roubaix en in 1951 om het leven kwam tengevolge een val in de Ronde van Piëmont.
Het graf is intussen een pelgrimsoord voor wielerfans geworden.
Giulia Occhini raakte in 1993 dicht bij de villa Coppi in Novi Ligure betrokken bij een ernstig verkeersongeval. Ze bezweek aan haar verwondingen op 70-jarige leeftijd.
Faustino woont nu alleen in de villa van zijn vader. Hij is architect.
Gino Bartali overleed 10 jaar geleden.

00:38 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: wielrennen |  Facebook |

05-10-09

5 oktober 2009: over Enzo Ferrari en José Froilán González

Vandaag, 5 oktober 2009, is het precies 90 jaar geleden dat op 5 oktober 1919 de latere Italiaanse autoconstructeur Enzo Ferrari zijn eerste autorace reed.

Enzo Ferrari toen
Enzo Ferrari

Enzo Ferrari werd op 18 februari 1898 in het Italiaanse Modena geboren en was dus 21 jaar toen hij als autocoureur debuteerde bij het kleine CMN-team (Costruzioni Meccaniche Nazionali).
Lang bleef hij er niet en in 1920 ging hij bij het raceteam van Alfa Romeo aan de slag.
Na een overwinning op het Saviocircuit in de buurt van Ravenna in 1923 stelden de ouders van de op 19 juni 1918 gesneuvelde graaf Francesco Baracca hem voor om de afbeelding van een paard op zijn wagen te zetten. De in Lugo di Romagna in de buurt van Ravenna geboren Francesco Baracca was tijdens de Eerste Wereldoorlog een succesvolle Italiaanse gevechtspiloot geweest – die in het "Squadron van de Azen" nog samen had gevlogen met Prins Fulco Ruffo di Calabria, de vader van koningin Paola - en had op zijn vliegtuig een zwart paard geschilderd. Eén van de verhalen over de oorsprong van dit paard op Baracca’s vliegtuig, verteld had hij dit had “afgekeken” van een Duits vliegtuig dat hij had neergehaald. De piloot van dat vliegtuig was afkomstig van Stuttgart en had het stadswapen van Stuttgart op zijn vliegtuig geschilderd. Het in Stuttgart gestichte Porsche heeft om dezelfde reden een paard in zijn logo. Door een rare samenloop van omstandigheden zijn de emblemen van de twee rivalen Ferrari en Porsche op hetzelfde origineel gebaseerd!

Count Francesco Baracca met latere Ferrari embleem
Count Francesco Baracca met het latere Ferrari embleem

wapen van Stuttgart
Stadswapen van Stuttgart

embleem Porsche
Embleem Porsche

Enzo Ferrari vond het alleszins een goed idee, maar het duurde nog tot 1932 voor het "cavallino rampante" oftewel “Het steigerende paard” het kenmerk zou worden van Ferrari. Tussen 1924 en 1927 zou hij namelijk niet racen maar werkte hij voor Alfa Romeo. Voor zijn prestaties ontving Enzo Ferrari in 1927 van Benito Mussolini de titel "Commendatore".
In 1929 richtte Enzo in Modena de “Scuderia Ferrari” (“renstal Ferrari”) op, een team dat met Alfa's racete en lange tijd als het fabrieksteam van Alfa Romeo fungeerde, alhoewel dat team nooit echt succesvol zou worden.
In 1932 stopte Enzo Ferrari definitief met racen. Op 19 januari van dat jaar was namelijk Alfredo ("Dino") geboren, een zoon uit Enzo’s huwelijk met Laura Domenica Garello in 1923.
In 1937 kwam Ferrari op het idee om in Modena een eigen racewagen te bouwen. Dat werd de Alfa 158, een 1,5 liter compressorwagen. In 1938 verkocht hij de 158 aan Alfa, de Scuderia Ferrari werd opgeheven en Enzo Ferrari werd als raceteamleider bij Alfa Romeo in dienst genomen. In 1939 verliet hij Alfa Romeo alweer, na meningsverschillen met Alfadirecteur Ugo Gobbato.
Hij begon met het ontwikkelen van zijn eigen wagens onder de naam Auto-Avio Costruzioni omdat hij vanwege juridische redenen vier jaar moest wachten voor hij de naam Ferrari weer mocht gebruiken op wagens. Na de Tweede Wereldoorlog rolde in 1947 de eerste auto onder de merknaam Ferrari uit de inmiddels naar Maranello verhuisde fabriek. De Franse autocoureur Raymond Sommer won dat jaar met de 12-cilinder Ferrari de eerste naoorlogse Grote Prijs van Turijn.
Bij het ontstaan van het wereldkampioenschap Formule 1 in 1950 opende Enzo meteen de strijd met de Alfa Romeo's. Bij de allereerste Grote Prijs Formule 1 voor het nieuwe wereldkampioenschap op 13 mei 1950 in het Engelse Silverstone stond er geen Ferrari aan de start. Aan de aankomst bezette Alfa Romeo de eerste drie plaatsen. Bij de volgende Grote Prijs op 21 mei 1950 in Monaco namen Luigi Villoresi, Alberto Ascari en Raymond Sommer met een Ferrari deel aan de wedstrijd. Juan-Manuel Fangio won in een Alfa Romeo maar Alberto Ascari werd met zijn Ferrari tweede. Alfa Romeo won in 1950 zes van de zeven Grote Prijzen.

José Froilán González wint met Ferrari
José Froilán González wint de Grote Prijs van Groot-Brittannië in 1951

1951 begon opnieuw met drie overwinningen voor Alfa Romeo maar op 14 juli 1951 won de Argentijn José Froilán González met de Grote Prijs van Groot-Brittannië in Silverstone de allereerste Grote Prijs Formule 1 voor Ferrari! Voor het eerst had een Ferrari de Alfa Romeo’s 158 weten te verslaan. Het verhaal doet de ronde dat Enzo gehuild heeft als een kind op de dag dat hij erin slaagde de Alfa’s te verslaan.

José Froilán González nu
José Froilán González

Nu wil het toeval dat die José Froilán González vandaag 87 jaar oud wordt!
Geboren op 5 oktober 1922 in het Argentijnse Arrecifes is hij samen met de nu 92-jarige Fransman Robert Manzon de enige nog levende deelnemer aan de tweede Grote Prijs ooit die meetelde voor het Wereldkampioenschap Formule 1, de Grote Prijs van Monaco op 21 mei 1950. Van de deelnemers aan de eerste Grote Prijs, die van Groot-Brittannië op 13 mei 1950, is na de dood van Tony Rolt op 6 februari van vorig jaar niemand meer in leven. José Froilán González woont en leeft nog steeds in Buenos Aires en dook tot voor kort nog op bij Historic Race Festivals. In 2002 was hij nog een opgemerkte gast bij de Italiaanse Grote Prijs Formule 1.

Terug naar Enzo Ferrari. Toen Alfa Romeo in 1952 stopte met het Grand Prix racen nam Ferrari de fakkel over en het team met zijn naam zou uitgroeien tot het meest succesvolle team in de geschiedenis van de Formule 1. Met dit merk behaalden negen coureurs vijftien wereldtitels (Alberto Ascari in 1952 en 1953, Juan Manuel Fangio in 1956, Mike Hawthorn in 1958, Phil Hill in 1961, John Surtees in 1964, Niki Lauda in 1975 en 1977, Jody Scheckter in 1979, Michael Schumacher van 2000 tot 2004 en tenslotte Kimi Räikkönen in 2007). Zestien maal was de Scuderia Ferrari het sterkst bij de constructeurs (1961, 1964, 1975, 1976, 1977, 1979, 1982, 1983, 1999, 2000, 2001, 2002, 2003, 2004, 2007 en 2008).
Tussen 1949 en 1965 won het team ook negen keer de 24 uren van Le Mans (1949 Luigi Chinetti/Peter Mitchell-Thomson, 1954 José Froilán González/Maurice Trintignant, 1958 Olivier Gendebien/Phil Hill, 1960 Olivier Gendebien/Paul Frère, 1961 Olivier Gendebien/Phil Hill, 1962 Olivier Gendebien/Phil Hill, 1963 Ludovico Scarfiotti/Lorenzo Bandini, 1964 Jean Guichet/Nino Vaccarella en 1965 Jochen Rindt/Masten Gregory).

Enzo en Dino Ferrari
Enzo en Dino Ferrari
 

Op 30 juni 1956 overlijdt in Milaan de op dat moment slechts 24-jarige Dino Ferrari als gevolg van een spierziekte. Dino was voorbestemd om zijn vader op te volgen. Hij studeerde voor ingenieur in Zwitserland en vlak voor zijn dood was hij bezig met het ontwerpen van een 1.5liter V6-motor voor in Formule 2-wagens. Daarom besloot Enzo als postuum eerbetoon vanaf dan alle door Ferrari gebouwde V6-motoren de naam Dino mee te geven. Ook de tussen 1968 en 1976 geproduceerde Ferrari Dino was – net zoals de Fiat Dino tussen 1966 and 1973 - een eerbetoon aan Enzo’s overleden zoon.
Na Dino’s dood kreeg het circuit van Imola – op zo’n 80km van Maranello - de naam “Autodromo Dino Ferrari”. Later, na de dood van Enzo zelf, werd dit het “Autodromo Enzo e Dino Ferrari”.
Enzo Ferrari bleef de algemene directeur van Ferrari tot 1971, maar zijn invloed binnen Ferrari is ook daarna uiteraard nooit verdwenen.  

Ferrari F40
Ferrari F40

De in 1987 gelanceerde Ferrari F40 werd de laatste productiewagen gebouwd onder Enzo’s toezicht. Met een topsnelheid van 324 km/u en een 0-100 km/u tijd van ongeveer 4 seconden was de F40 één van de snelste wagens uit zijn tijd. Tot 1990 bleef het de snelste productiewagen die er op de markt te koop was.

Ferrari Enzo
Ferrari Enzo

In 2002 werd als eerbetoon het nieuwe topmodel van Ferrari naar hem genoemd, de Enzo Ferrari.
Op 22 mei 1945 was er uit een relatie die hij tijdens zijn huwelijk heeft gehad met ene Lina Lardi een zoon Piero geboren. Deze is nu vicepresident van Ferrari.
Op 27 februari 1978 sterft Enzo’s echtgenote Laura.

Enzo Ferrari nu
Enzo Ferrari

Enzo Ferrari overleed op 14 augustus 1988 in zijn geboorteplaats Modena. Hij werd 90 jaar. Zijn dood werd pas twee dagen later bekend gemaakt.
Uitgerekend in 1988 werd het Formule 1-seizoen totaal gedomineerd door de McLaren-Honda’s van Ayrton Senna en Alain Prost die alle Grote Prijzen wonnen, behalve de vier weken na Enzo’s dood verreden Grote Prijs van Italië die door Gerhard Berger voor Michele Alboreto, beiden in een Ferrari, werd gewonnen!

Enzo Ferrari graf
Het graf van Enzo Ferrari
 

Enzo Ferrari werd begraven op het Cimitero di San Cataldo in Modena.

17:40 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: ferrari |  Facebook |

24-04-09

Zullen we het eens over wielrenners hebben?

Zo wordt vandaag, vrijdag 24 april 2009, de op 24 april 1929 in Narosse in zuid-west Frankrijk geboren Franse oud-wielrenner André Darrigade 80 jaar. Gelukkige Verjaardag! 

André Darrigade
André Darrigade

De blonde André “Dédé “ Darrigade is waarschijnlijk een van de beste sprinters geweest in de geschiedenis van het Franse wielrennen. “Le Basque Bondissant” (“De Vliegende Bask”) won tijdens zijn carrière – die liep van 1951 tot 1966 - maar liefst 22 etappes in de Tour de France. Daarnaast werd hij in 1959 in het Nederlandse Zandvoort wereldkampioen voor de Italiaan Michele Gismondi (niet te verwarren met Felice Gimondi) en onze landgenoot Noel Fore. Het jaar daarop slaagde hij er net niet in zijn titel te verlengen. Op de Duitse Sachsenring werd hij tweede achter Rik Van Looy.
In 1955 was hij kampioen van Frankrijk geworden voor Louis Bobet en in 1956 won hij de Ronde van Lombardije voor de Italianen Fausto Coppi en Fiorenzo Magni.
In 1957 en 1958 won hij ook Zesdaagse van Parijs, telkens met Jacques Anquetil en Ferdinando Terruzzi.
Darrigade woonde lange tijd in Dax, dat in 2006 als etappeplaats fungeerde om Darrigade te eren. Men noemde hem soms ook “l'homme avec les cent maillots” (“de man met de honderd truien”) omdat hij in de Tour vaak de Gele én de Groene trui – die hij in 1959 en 1961 overigens won - droeg.
Zijn zes jaar jongere broer Roger reed van 1960 tot 1963 ook rond in het profpeloton.
Voor de Fransen was hij ongelooflijk populair en dat wou hij graag demonstreren in de wedstrijden. Wat de manier van koersen betreft was Laurent Jalabert ongetwijfeld de renner die heel veel op Darrigade geleek.

Tien jaar na de geboorte van Darrigade en vandaag, vrijdag 24 april 2009, precies 70 jaar geleden overleed op 24 april 1939 in Parijs de op 29 juni 1881 in Levallois-Perret nabij Parijs geboren Franse oud-wielrenner Louis Trousselier.

Louis Trousselier
Louis Trousselier

Trousselier was wielrenner van 1901 tot 1914, waarvan het eerste jaar als amateur en daarna als professioneel wielrenner. In 1905 won hij Parijs-Roubaix maar hij is het meest bekend geworden om zijn overwinning in de Ronde van Frankrijk van dat jaar waarin hij ook vijf etappes won. Om aan die Ronde van Frankrijk deel te kunnen nemen, had hij bij de commandant van het 101e regiment in Saint-Cloud verlof gevraagd. De commandant gaf aan Trousselier toestemming zich maximaal 24 uuur uit de kazerne te verwijderen. Nadat hij de eerste etappe had gewonnen, werd het verlof voor de rest van de Tour verlengd. Hij had echter een passie voor gokken. Volgens getuigen heeft Trousselier in één nacht op een massagetafel in de Parijse wielerbaan Buffalo tijdens een gokspel met drie anderen het totale prijzengeld dat hij aan de Tourzege overhield, verspeeld. Na zijn eindzege in 1905 startte Trousselier nog acht keer in de Tour. Hij klom in de Tour van 1906 nog naar een derde plaats, maar hij bereikte in de daaropvolgende jaren geen goede resultaten meer.
Trousselier behaalde nog verschillende ereplaatsen in Bordeaux-Parijs, Parijs-Roubaix, Parijs-Tours, het Kampioenschap van Frankrijk, Milaan-San Remo, Parijs-Brussel en de Ronde van Lombardije.
Trousselier was een Parijzenaar in hart en nieren en werd na zijn overwinning in de Tour als een held in Parijs binnengehaald. Hij stond bekend als een vrolijk en sympathiek iemand, vol met kwinkslagen en een vrolijk en innemend gezicht met een prachtige hangsnor. Om deze redenen had hij de bijnaam Trou-Trou.
Hij stamde uit een familie die meerdere sporthelden heeft voortgebracht. Zijn broers André en Leopold waren eveneens wielrenner. André Trousselier won onder meer Luik-Bastenaken-Luik in 1908 en was bovendien doelman van Racing Club de France.
Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog beëindigde hij zijn wielercarrière. Ondanks zijn goklust hield hij nog zoveel geld over dat hij aan de boulevard Haussmann een mooie bloemenzaak kon openen. Dit werd een der drukst bezochte winkels van de stad.
'Trou-Trou' de bloemist werd 57 jaar oud.

En ook vandaag, vrijdag 24 april 2009, is het precies vijf jaar gelden dat op 24 april 2004 in Tours de op 29 november 1920 in Bry-sur-Marne geboren Franse oud-wielrenner André Danguillaume overleed.

Andre Danguillaume
Andre Danguillaume

Tussen 1943 en 1954 was hij zonder veel succes actief als wielrenner. Hij had ook vier broers die koersten:
Camille (won in 1949 Luik-Bastenaken-Luik maar overleed het jaar daarop aan de gevolgen van een zware val tijdens het Frans wegkampioenschap), Marcel en Roland en Jean, de enige van de broers die nog in leven zijn. Roland wordt in augustus 84 jaar en Jean is 76 jaar.
André Danguillaume was de vader van Jean-Pierre en Jean-Louis Danguillaume.
Jean-Pierre was samen met zijn oom Camille de succesvolste renner van de familie. Tussen 1968 en 1978 won hij o.a. de Vredeskoers, de Midi Libre, de GP Ouest France in Plouay, het Critérium International en Paris-Bourges. Hij won ook zeven ritten in de Ronde van Frankrijk. In 1975 werd hij in Yvoir 3e in Wereldkampioenschap nadat hij in het voorjaar zevende was geworden in Luik-Bastenaken-Luik. Het jaar daarop werd hij vierde  in Luik-Bastenaken-Luik. Na zijn wielercarrière werd hij koersdirecteur van Mercier-BP.

21:29 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: wielrennen |  Facebook |

20-04-09

maandag 20 april 2009: Roger Decock wordt 82 jaar

Roger Decock
Roger Decock

Vandaag, maandag 20 april 2009, wordt de op 20 april 1927 in Izegem geboren oud-wielrenner Roger Decock 82 jaar.
Roger Decock was prof van 1949 tot 1961. In 1952 behaalde hij met de Ronde van Vlaanderen de grootste overwinning uit zijn carrière. In 1948 had hij al de Ronde van Vlaanderen voor amateurs gewonnen.
Decock leek voorbestemd voor de voetbalsport. Hij speelde bij S.C. Menen waar zijn vader carrière maakte. Hij kwam tot de wielersport door toedoen van oud-renner Lucien Vlaemynck.
Voor de rest behaalde Roger Decock alleen overwinningen in minder grote wedstrijden zoals de het Kampioenschap van Vlaanderen in Koolskamp en Paris-Nice in 1951, de Scheldeprijs in 1954 en de Nationale Sluitingsprijs in 1957.
In de Ronde van Frankrijk van 1951 haalde hij in de tijdrit tussen Aix-les-Bains en Genève, ei zo na Fausto Coppi bij die drie minuten voor hem was gestart. In die rit werd hij nochtans slechts tweede, op 4’50” van Hugo Koblet.
Roger Decock is niet de oudst nog levende winnaar van de Ronde van Vlaanderen. Dat is de nu 88-jarige Fiorenzo Magni die de Ronde van Vlaanderen won in 1949, 1950 en 1951. Hij is zelfs niet de oudst nog levende Belgische winnaar van de Ronde van Vlaanderen want dat is de nu 83-jarige Raymond Impanis die in 1954 won. Maar er is wel geen enkele Belgische winnaar meer in leven die vóór 1952 de Ronde van Vlaanderen won. Enkele andere van de oudst nog levende winnaars van “Vlaanderens Mooiste” zijn Jean Forestier (78 jaar), winnaar in 1956, Rik Van Looy (75 jaar), winnaar in 1959 en 1962 en Arthur Decabooter (72 jaar), winnaar in 1960.
In 2002 werd Aarsele bij Tielt, de woonplaats van Roger Decock, uitgeroepen als dorp van de Ronde ter ere van de vijftigste verjaardag van zijn overwinning. Heel wat activiteiten vonden er plaats tussen een massa volk. Er werd zelfs een toneelstuk opgevoerd met als titel: "Cockske wint een brokske". Decock had nog een andere bijnaam, Petje Decock, omdat hij het gezicht was van de petten van het sportmerk Derby Sport.
Zijn kleindochter Veronique Coene werd in 1993 kampioen van België bij de Nieuwelingen en in 1994 vicekampioen van België bij de junioren. In 2007 werd ze op 30-jarige leeftijd in Erwetegem kampioen van België bij de militairen.

19:17 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: wielrennen |  Facebook |

07-04-09

Dinsdag 7 april 2009: Jean-Marie Wampers wordt 50 jaar

Jean-Marie Wampers
Jean-Marie Wampers

Aanstaande zondag wordt de 107e Parijs-Roubaix gereden. Een goede gelegenheid om de 50e verjaardag van een oud-winnaar in herinnering te brengen.
Vandaag, dinsdag 7 april 2009, wordt de op 7 april 1959 in Ukkel geboren Jean-Marie Wampers 50 jaar.
Wampers won Parijs-Roubaix in 1989 voor Dirk De Wolf en Edwig Van Hooydonck, een volledig Belgisch podium! Dat is sindsdien nooit meer voor gekomen!
Een volledig Belgisch podium was er ook in:
1922 (Albert Dejonghe, Jean Rossius, Emile Masson Sr.)
1926 (Julien Delbecque, Gustaaf Van Slembrouck, Gaston Rebry)
1934 (Gaston Rebry, Jean Wauters, Frans Bonduel)
1938 (Lucien Storme, Louis Hardiquest, Marcel Van Houtte)
1954 (Raymond Impanis, Stan Ockers, Marcel Rijckaert)
1957 (Fred De Bruyne, Rik Van Steenbergen, Leon Van Daele)
1959 (Noel Fore, Gilbert Desmet, Marcel Janssens)
1961 (Rik Van Looy, Marcel Janssens, Rene Vanderveken)
1962 (Rik Van Looy, Emile Daems, Frans Schoubben)
1965 (Rik Van Looy, Ward Sels, Willy Vannitsen)
1968 (Eddy Merckx, Herman Vanspringel, Walter Godefroot)
1969 (Walter Godefroot, Eddy Merckx, Willy Vekemans)
1970 (Eddy Merckx, Roger De Vlaeminck, Eric Leman)
1973 (Eddy Merckx, Walter Godefroot, Roger Rosiers)
1975 (Roger De Vlaeminck, Eddy Merckx, Andre Dierickx)
1977 (Roger De Vlaeminck, Willy Teirlinck, Freddy Maertens)
1987 (Eric Vanderaerden, Patrick Versluys, Rudy Dhaenens)

Jean-Marie Wampers was in 1989 ook de derde in een rij van vier opeenvolgende Belgische overwinningen in de Helleklassieker. Eric Vanderaerden had gewonnen in 1987, Dirk Demol in 1988 en Eddy Planckaert zou in 1990 winnen. Sindsdien hebben alleen Johan Museeuw in 2002 en Peter Van Petegem in 2003 nog gezorgd voor slechts twee opeenvolgende Belgische overwinningen.
Vier opeenvolgende Belgische zeges waren er ook tussen 1924 en 1927 (Jules Van Hevel, Felix Sellier, Julien Delbecque en Georges Ronsse) en tussen 1938 en 1944 (Lucien Storme, Emile Masson Jr. – die dit jaar trouwens 94 jaar wordt en daarmee de oudst nog levende winnaar van Parijs-Roubaix is -, Marcel Kint en Maurice Desimpelaere).
Maar tussen 1930 en 1935 won zes maal na elkaar een Belg (Julien Vervaecke, Gaston Rebry, Romain Gijssels, Sylvere Maes, Gaston Rebry en nogmaals Gaston Rebry) en tussen 1968 en 1977 won zelfs tien maal op rij een Belg met daartussen een volledig Belgisch podium in 1968, 1969 en 1970 en nogmaals in 1973, 1975 en 1977. Die tien winnaars waren Eddy Merckx, Walter Godefroot, Eddy Merckx, Roger Rosiers, Roger De Vlaeminck, Eddy Merckx, Roger De Vlaeminck, Roger De Vlaeminck, Marc Demeyer en voor de vierde keer Roger De Vlaeminck waarmee hij alleen recordhouder werd. 

Jean-Marie Wampers won in 1989 ook de Scheldeprijs en Rund um den Henninger-Turm, een wedstrijd die hij het jaar daarvoor ook al had gewonnen. Eerder in zijn carrière won hij de Druivenkoers in Overijse (1984) en de Nationale Sluitingsprijs (1985).

11:09 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: wielrennen |  Facebook |

06-04-09

Maandag 6 april 2009: 100 jaar geleden werd Hermann Lang geboren.

Hermann Lang
Hermann Lang

Vandaag, maandag 6 april 2009, is het precies 100 jaar geleden dat op 6 april 1909 in Bad Cannstatt de Duitse Formule 1-coureur Hermann Lang werd geboren.
Tussen 1937 en het begin van de Tweede Wereldoorlog behoorde Lang tot het legendarische Mercedes fabrieksteam van Alfred Neubauer waarvoor ook Rudolf Caracciola, Manfred von Brauchitsch en de Brit Dick Seaman - die in 1939 tijdens de Grote Prijs van België op het circuit van Spa-Francorchamps zou verongelukken - reden.
Samen met het Auto Union van Ferdinand Porsche met piloten als Bernd Rosemeyer (die in 1938 om het leven kwam bij een poging het snelheidsrecord te breken), Hans Stuck (de vader van Hans-Joachim Stuck), Rudolf Hasse (die in 1942 aan het Russische front zou sneuvelen), Achille Varzi en Tazio Nuvolari, vormde Mercedes de beruchte “Zilveren Pijlen” die voor de voor-oorlogse Duitse successen zorgden op de Europese autocircuits.

Hermann Lang in Spa
H
ermann Lang op het circuit van Spa-Francorchamps

Lang won in 1937, 1938 en 1939 de Tripoli Grand Prix, in 1937 de Avusrennen, in 1938 de Coppa Ciano en in 1939 de Grote Prijzen van België en Zwitserland en de Grand Prix de Pau en de Eifelrennen.
Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog oordeelde de Internationale Autosport Federatie dat er dat jaar geen Europese kampioen zou zijn. De Duitse bond riep echter Hermann Lang uit als Europees kampioen alhoewel zijn landgenoot Hermann Paul Müller meer punten had behaald. Maar Lang was in die tijd nu eenmaal een Nazi-officier.
Na de oorlog won Lang samen met zijn landgenoot Fritz Riess in 1953 in een Mercedes-Benz 300SL de 24 uren van Le Mans.
In 1953 en 1954 verscheen hij nog twee maal aan de start van een Grote Prijs. In 1953 verving hij tijdens de Grote Prijs van Zwitserland José Froilán González die herstelde van verwondingen, opgelopen tijdens een race in Portugal. Lang werd vijfde en scoorde twee punten voor het wereldkampioenschap.
In 1954 nam hij deel aan de Grote Prijs van Duitsland op de legendarische Nürburgring. Hij moest na 10 ronden de strijd staken toen hij in 3e positie rijdend spinde met zijn Mercedes. Het zou zijn laatste race worden.
Lang overleed op 19 oktober 1987. Hij werd 78 jaar oud en ligt begraven op het Uff-Kirchhof in Stuttgart.

Hermann Lang graf
Het graf van Hermann Lang in Stuttgart

14:08 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

02-04-09

donderdag 2 april 2009: Jack Brabham wordt 83 jaar

Jack Brabham toen
Jack Brabham

Vandaag, donderdag 2 april 2009, wordt de op 2 april 1926 in Sydney geboren Australische drievoudige wereldkampioen Formule 1, Jack Brabham, 83 jaar.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende hij in de Royal Australian Air Force.
Op 16 juli 1955 debuteerde hij in een Cooper-Bristol in de Formule 1 bij de Grote Prijs van Groot-Brittannië.
Op 10 mei 1959 won hij in een Cooper-Climax in Monaco zijn eerste Grote Prijs. Hij zou er in totaal 14 winnen.
In 1959 en 1960 werd hij wereldkampioen Formule 1 in een Cooper-Coventry Climax.
In 1961 richtte Jack Brabham samen met Ron Tauranac zijn eigen Formule 1 team op en ging hij zijn eigen wagens maken. Op 28 juni 1964 zorgde de Amerikaan Dan Gurney in de Grote Prijs van Frankrijk voor de eerste Grand Prix zege van een Brabham.

Jack Brabham 1967
Jack Brabham in 1967
 

Toen in 1966 de reglementen wijzigden en een nieuwe 3000cc-klasse werd opgericht werd Jack Brabham voor de 3e maal wereldkampioen Formule 1. Het was meteen de eerste keer dat een Formule 1-piloot wereldkampioen werd in zijn eigen wagen. Het jaar daarop werd de Nieuw-Zeelander Denny Hulme wereldkampioen, ook in een Brabham. In 1981 en 1983 werd de Braziliaan Nelson Piquet wereldkampioen in een Brabham, respectievelijk met een Ford en BMW-motor.
In totaal wonnen de Brabham wagens 35 Grote Prijzen, de laatste op 7 juli 1985 toen Nelson Piquet de Grote Prijs van Frankrijk won.
Eind jaren '60 raakte Brabham meerdere keren gewond en hij wilde afscheid nemen van het autoracen, maar omdat hij geen toprijders voor zijn team kon vinden reed hij nog één seizoen mee. Op 25 oktober 1970 reed hij in Mexico zijn 126e en laatste Grote Prijs.
Enige tijd later verkocht hij zijn aandeel in het Brabham team aan Ron Tauranac en keerde terug naar Australië.
Eind 1971 verkocht Tauranac het Brabham aan Bernie Ecclestone. Deze nam de Zuid-Afrikaanse ingenieur Gordon Murray aan boord en die zorgde er voor dat het Brabham team in de tweede helft van de jaren ’70 en de eerste helft van de jaren ’80 uitgroeide tot één van de sterkste teams in de toenmalige Formule 1.

Gordon Murray en Niki Lauda
Gordon Murray en Niki Lauda

Brabham stofzuiger
De Brabham "stofzuiger"

Piquet in Brabham
 Nelson Piquet in de Brabham

Eind 1986 verliet Murray het Brabham team. Een jaar later verkocht Ecclestone het team dat in 1988 niet deelnam aan het wereldkampioenschap. Van 1989 tot 1992 reden er terug Brabham wagens mee, maar als ze zich al konden kwalificeren moesten ze in de race opgeven en haalden zelden nog punten. Na de Grote Prijs van Hongarije van 16 augustus 1992 was het definitief gedaan. De eigenaar, het Japanse bedrijf Middlebridge, beschikte niet meer over voldoende geld.

Jack Brabham zelf werd in 1979 geridderd.
De drie zonen van Sir John Arthur Brabham - Geoff, Gary en David - zijn ook actief geweest in de autosport. Gary deed twee maal een poging om deel te nemen aan een Grote Prijs Formule 1 maar kon zich nooit kwalificeren. Geoff nam 10 maal deel aan de 500 mijlen van Indianapolis – zijn beste resultaat was een 4e plaats in 1983 – en won in 1993 samen met Eric Hélary en Christophe Bouchut in een Peugeot de 24 uren van Le Mans.

David Brabham
David Brabham

David reed 24 Grote Prijzen Formule 1 waarvan 14 in 1990 in een Brabham. In 1991 won David samen met Anders Olofsson en Naoki Hattori in een Nissan de 24 uur van Spa-Francorchamps. In 1994 keerde hij terug in de Formule 1 bij het Simtekteam. Tijdens de kwalificatieritten voor zijn derde race voor Simtek verongelukte zijn ploegmaat Roland Ratzenberger op het circuit van Imola. Een dag later zou Ayrton Senna op hetzelfde circuit het leven laten. In 1997 wint hij in Australië samen met zijn broer Geoff de Bathurst 1000. David is nog altijd actief als racer.

Jack Brabham is de oudste nog in leven zijnde oud-wereldkampioen Formule 1. Na hem volgen o.a. John Surtees (1964), Jackie Stewart (1969, 1971 en 1973), Mario Andretti (1978), Emerson Fittipaldi (1972 en 1974) en Niki Lauda (1975, 1977 en 1984).

15:23 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: autosport, formule 1 |  Facebook |