24-04-09

Zullen we het eens over wielrenners hebben?

Zo wordt vandaag, vrijdag 24 april 2009, de op 24 april 1929 in Narosse in zuid-west Frankrijk geboren Franse oud-wielrenner André Darrigade 80 jaar. Gelukkige Verjaardag! 

André Darrigade
André Darrigade

De blonde André “Dédé “ Darrigade is waarschijnlijk een van de beste sprinters geweest in de geschiedenis van het Franse wielrennen. “Le Basque Bondissant” (“De Vliegende Bask”) won tijdens zijn carrière – die liep van 1951 tot 1966 - maar liefst 22 etappes in de Tour de France. Daarnaast werd hij in 1959 in het Nederlandse Zandvoort wereldkampioen voor de Italiaan Michele Gismondi (niet te verwarren met Felice Gimondi) en onze landgenoot Noel Fore. Het jaar daarop slaagde hij er net niet in zijn titel te verlengen. Op de Duitse Sachsenring werd hij tweede achter Rik Van Looy.
In 1955 was hij kampioen van Frankrijk geworden voor Louis Bobet en in 1956 won hij de Ronde van Lombardije voor de Italianen Fausto Coppi en Fiorenzo Magni.
In 1957 en 1958 won hij ook Zesdaagse van Parijs, telkens met Jacques Anquetil en Ferdinando Terruzzi.
Darrigade woonde lange tijd in Dax, dat in 2006 als etappeplaats fungeerde om Darrigade te eren. Men noemde hem soms ook “l'homme avec les cent maillots” (“de man met de honderd truien”) omdat hij in de Tour vaak de Gele én de Groene trui – die hij in 1959 en 1961 overigens won - droeg.
Zijn zes jaar jongere broer Roger reed van 1960 tot 1963 ook rond in het profpeloton.
Voor de Fransen was hij ongelooflijk populair en dat wou hij graag demonstreren in de wedstrijden. Wat de manier van koersen betreft was Laurent Jalabert ongetwijfeld de renner die heel veel op Darrigade geleek.

Tien jaar na de geboorte van Darrigade en vandaag, vrijdag 24 april 2009, precies 70 jaar geleden overleed op 24 april 1939 in Parijs de op 29 juni 1881 in Levallois-Perret nabij Parijs geboren Franse oud-wielrenner Louis Trousselier.

Louis Trousselier
Louis Trousselier

Trousselier was wielrenner van 1901 tot 1914, waarvan het eerste jaar als amateur en daarna als professioneel wielrenner. In 1905 won hij Parijs-Roubaix maar hij is het meest bekend geworden om zijn overwinning in de Ronde van Frankrijk van dat jaar waarin hij ook vijf etappes won. Om aan die Ronde van Frankrijk deel te kunnen nemen, had hij bij de commandant van het 101e regiment in Saint-Cloud verlof gevraagd. De commandant gaf aan Trousselier toestemming zich maximaal 24 uuur uit de kazerne te verwijderen. Nadat hij de eerste etappe had gewonnen, werd het verlof voor de rest van de Tour verlengd. Hij had echter een passie voor gokken. Volgens getuigen heeft Trousselier in één nacht op een massagetafel in de Parijse wielerbaan Buffalo tijdens een gokspel met drie anderen het totale prijzengeld dat hij aan de Tourzege overhield, verspeeld. Na zijn eindzege in 1905 startte Trousselier nog acht keer in de Tour. Hij klom in de Tour van 1906 nog naar een derde plaats, maar hij bereikte in de daaropvolgende jaren geen goede resultaten meer.
Trousselier behaalde nog verschillende ereplaatsen in Bordeaux-Parijs, Parijs-Roubaix, Parijs-Tours, het Kampioenschap van Frankrijk, Milaan-San Remo, Parijs-Brussel en de Ronde van Lombardije.
Trousselier was een Parijzenaar in hart en nieren en werd na zijn overwinning in de Tour als een held in Parijs binnengehaald. Hij stond bekend als een vrolijk en sympathiek iemand, vol met kwinkslagen en een vrolijk en innemend gezicht met een prachtige hangsnor. Om deze redenen had hij de bijnaam Trou-Trou.
Hij stamde uit een familie die meerdere sporthelden heeft voortgebracht. Zijn broers André en Leopold waren eveneens wielrenner. André Trousselier won onder meer Luik-Bastenaken-Luik in 1908 en was bovendien doelman van Racing Club de France.
Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog beëindigde hij zijn wielercarrière. Ondanks zijn goklust hield hij nog zoveel geld over dat hij aan de boulevard Haussmann een mooie bloemenzaak kon openen. Dit werd een der drukst bezochte winkels van de stad.
'Trou-Trou' de bloemist werd 57 jaar oud.

En ook vandaag, vrijdag 24 april 2009, is het precies vijf jaar gelden dat op 24 april 2004 in Tours de op 29 november 1920 in Bry-sur-Marne geboren Franse oud-wielrenner André Danguillaume overleed.

Andre Danguillaume
Andre Danguillaume

Tussen 1943 en 1954 was hij zonder veel succes actief als wielrenner. Hij had ook vier broers die koersten:
Camille (won in 1949 Luik-Bastenaken-Luik maar overleed het jaar daarop aan de gevolgen van een zware val tijdens het Frans wegkampioenschap), Marcel en Roland en Jean, de enige van de broers die nog in leven zijn. Roland wordt in augustus 84 jaar en Jean is 76 jaar.
André Danguillaume was de vader van Jean-Pierre en Jean-Louis Danguillaume.
Jean-Pierre was samen met zijn oom Camille de succesvolste renner van de familie. Tussen 1968 en 1978 won hij o.a. de Vredeskoers, de Midi Libre, de GP Ouest France in Plouay, het Critérium International en Paris-Bourges. Hij won ook zeven ritten in de Ronde van Frankrijk. In 1975 werd hij in Yvoir 3e in Wereldkampioenschap nadat hij in het voorjaar zevende was geworden in Luik-Bastenaken-Luik. Het jaar daarop werd hij vierde  in Luik-Bastenaken-Luik. Na zijn wielercarrière werd hij koersdirecteur van Mercier-BP.

21:29 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: wielrennen |  Facebook |

20-04-09

maandag 20 april 2009: Roger Decock wordt 82 jaar

Roger Decock
Roger Decock

Vandaag, maandag 20 april 2009, wordt de op 20 april 1927 in Izegem geboren oud-wielrenner Roger Decock 82 jaar.
Roger Decock was prof van 1949 tot 1961. In 1952 behaalde hij met de Ronde van Vlaanderen de grootste overwinning uit zijn carrière. In 1948 had hij al de Ronde van Vlaanderen voor amateurs gewonnen.
Decock leek voorbestemd voor de voetbalsport. Hij speelde bij S.C. Menen waar zijn vader carrière maakte. Hij kwam tot de wielersport door toedoen van oud-renner Lucien Vlaemynck.
Voor de rest behaalde Roger Decock alleen overwinningen in minder grote wedstrijden zoals de het Kampioenschap van Vlaanderen in Koolskamp en Paris-Nice in 1951, de Scheldeprijs in 1954 en de Nationale Sluitingsprijs in 1957.
In de Ronde van Frankrijk van 1951 haalde hij in de tijdrit tussen Aix-les-Bains en Genève, ei zo na Fausto Coppi bij die drie minuten voor hem was gestart. In die rit werd hij nochtans slechts tweede, op 4’50” van Hugo Koblet.
Roger Decock is niet de oudst nog levende winnaar van de Ronde van Vlaanderen. Dat is de nu 88-jarige Fiorenzo Magni die de Ronde van Vlaanderen won in 1949, 1950 en 1951. Hij is zelfs niet de oudst nog levende Belgische winnaar van de Ronde van Vlaanderen want dat is de nu 83-jarige Raymond Impanis die in 1954 won. Maar er is wel geen enkele Belgische winnaar meer in leven die vóór 1952 de Ronde van Vlaanderen won. Enkele andere van de oudst nog levende winnaars van “Vlaanderens Mooiste” zijn Jean Forestier (78 jaar), winnaar in 1956, Rik Van Looy (75 jaar), winnaar in 1959 en 1962 en Arthur Decabooter (72 jaar), winnaar in 1960.
In 2002 werd Aarsele bij Tielt, de woonplaats van Roger Decock, uitgeroepen als dorp van de Ronde ter ere van de vijftigste verjaardag van zijn overwinning. Heel wat activiteiten vonden er plaats tussen een massa volk. Er werd zelfs een toneelstuk opgevoerd met als titel: "Cockske wint een brokske". Decock had nog een andere bijnaam, Petje Decock, omdat hij het gezicht was van de petten van het sportmerk Derby Sport.
Zijn kleindochter Veronique Coene werd in 1993 kampioen van België bij de Nieuwelingen en in 1994 vicekampioen van België bij de junioren. In 2007 werd ze op 30-jarige leeftijd in Erwetegem kampioen van België bij de militairen.

19:17 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: wielrennen |  Facebook |

07-04-09

Dinsdag 7 april 2009: Jean-Marie Wampers wordt 50 jaar

Jean-Marie Wampers
Jean-Marie Wampers

Aanstaande zondag wordt de 107e Parijs-Roubaix gereden. Een goede gelegenheid om de 50e verjaardag van een oud-winnaar in herinnering te brengen.
Vandaag, dinsdag 7 april 2009, wordt de op 7 april 1959 in Ukkel geboren Jean-Marie Wampers 50 jaar.
Wampers won Parijs-Roubaix in 1989 voor Dirk De Wolf en Edwig Van Hooydonck, een volledig Belgisch podium! Dat is sindsdien nooit meer voor gekomen!
Een volledig Belgisch podium was er ook in:
1922 (Albert Dejonghe, Jean Rossius, Emile Masson Sr.)
1926 (Julien Delbecque, Gustaaf Van Slembrouck, Gaston Rebry)
1934 (Gaston Rebry, Jean Wauters, Frans Bonduel)
1938 (Lucien Storme, Louis Hardiquest, Marcel Van Houtte)
1954 (Raymond Impanis, Stan Ockers, Marcel Rijckaert)
1957 (Fred De Bruyne, Rik Van Steenbergen, Leon Van Daele)
1959 (Noel Fore, Gilbert Desmet, Marcel Janssens)
1961 (Rik Van Looy, Marcel Janssens, Rene Vanderveken)
1962 (Rik Van Looy, Emile Daems, Frans Schoubben)
1965 (Rik Van Looy, Ward Sels, Willy Vannitsen)
1968 (Eddy Merckx, Herman Vanspringel, Walter Godefroot)
1969 (Walter Godefroot, Eddy Merckx, Willy Vekemans)
1970 (Eddy Merckx, Roger De Vlaeminck, Eric Leman)
1973 (Eddy Merckx, Walter Godefroot, Roger Rosiers)
1975 (Roger De Vlaeminck, Eddy Merckx, Andre Dierickx)
1977 (Roger De Vlaeminck, Willy Teirlinck, Freddy Maertens)
1987 (Eric Vanderaerden, Patrick Versluys, Rudy Dhaenens)

Jean-Marie Wampers was in 1989 ook de derde in een rij van vier opeenvolgende Belgische overwinningen in de Helleklassieker. Eric Vanderaerden had gewonnen in 1987, Dirk Demol in 1988 en Eddy Planckaert zou in 1990 winnen. Sindsdien hebben alleen Johan Museeuw in 2002 en Peter Van Petegem in 2003 nog gezorgd voor slechts twee opeenvolgende Belgische overwinningen.
Vier opeenvolgende Belgische zeges waren er ook tussen 1924 en 1927 (Jules Van Hevel, Felix Sellier, Julien Delbecque en Georges Ronsse) en tussen 1938 en 1944 (Lucien Storme, Emile Masson Jr. – die dit jaar trouwens 94 jaar wordt en daarmee de oudst nog levende winnaar van Parijs-Roubaix is -, Marcel Kint en Maurice Desimpelaere).
Maar tussen 1930 en 1935 won zes maal na elkaar een Belg (Julien Vervaecke, Gaston Rebry, Romain Gijssels, Sylvere Maes, Gaston Rebry en nogmaals Gaston Rebry) en tussen 1968 en 1977 won zelfs tien maal op rij een Belg met daartussen een volledig Belgisch podium in 1968, 1969 en 1970 en nogmaals in 1973, 1975 en 1977. Die tien winnaars waren Eddy Merckx, Walter Godefroot, Eddy Merckx, Roger Rosiers, Roger De Vlaeminck, Eddy Merckx, Roger De Vlaeminck, Roger De Vlaeminck, Marc Demeyer en voor de vierde keer Roger De Vlaeminck waarmee hij alleen recordhouder werd. 

Jean-Marie Wampers won in 1989 ook de Scheldeprijs en Rund um den Henninger-Turm, een wedstrijd die hij het jaar daarvoor ook al had gewonnen. Eerder in zijn carrière won hij de Druivenkoers in Overijse (1984) en de Nationale Sluitingsprijs (1985).

11:09 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: wielrennen |  Facebook |

06-04-09

Maandag 6 april 2009: 100 jaar geleden werd Hermann Lang geboren.

Hermann Lang
Hermann Lang

Vandaag, maandag 6 april 2009, is het precies 100 jaar geleden dat op 6 april 1909 in Bad Cannstatt de Duitse Formule 1-coureur Hermann Lang werd geboren.
Tussen 1937 en het begin van de Tweede Wereldoorlog behoorde Lang tot het legendarische Mercedes fabrieksteam van Alfred Neubauer waarvoor ook Rudolf Caracciola, Manfred von Brauchitsch en de Brit Dick Seaman - die in 1939 tijdens de Grote Prijs van België op het circuit van Spa-Francorchamps zou verongelukken - reden.
Samen met het Auto Union van Ferdinand Porsche met piloten als Bernd Rosemeyer (die in 1938 om het leven kwam bij een poging het snelheidsrecord te breken), Hans Stuck (de vader van Hans-Joachim Stuck), Rudolf Hasse (die in 1942 aan het Russische front zou sneuvelen), Achille Varzi en Tazio Nuvolari, vormde Mercedes de beruchte “Zilveren Pijlen” die voor de voor-oorlogse Duitse successen zorgden op de Europese autocircuits.

Hermann Lang in Spa
H
ermann Lang op het circuit van Spa-Francorchamps

Lang won in 1937, 1938 en 1939 de Tripoli Grand Prix, in 1937 de Avusrennen, in 1938 de Coppa Ciano en in 1939 de Grote Prijzen van België en Zwitserland en de Grand Prix de Pau en de Eifelrennen.
Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog oordeelde de Internationale Autosport Federatie dat er dat jaar geen Europese kampioen zou zijn. De Duitse bond riep echter Hermann Lang uit als Europees kampioen alhoewel zijn landgenoot Hermann Paul Müller meer punten had behaald. Maar Lang was in die tijd nu eenmaal een Nazi-officier.
Na de oorlog won Lang samen met zijn landgenoot Fritz Riess in 1953 in een Mercedes-Benz 300SL de 24 uren van Le Mans.
In 1953 en 1954 verscheen hij nog twee maal aan de start van een Grote Prijs. In 1953 verving hij tijdens de Grote Prijs van Zwitserland José Froilán González die herstelde van verwondingen, opgelopen tijdens een race in Portugal. Lang werd vijfde en scoorde twee punten voor het wereldkampioenschap.
In 1954 nam hij deel aan de Grote Prijs van Duitsland op de legendarische Nürburgring. Hij moest na 10 ronden de strijd staken toen hij in 3e positie rijdend spinde met zijn Mercedes. Het zou zijn laatste race worden.
Lang overleed op 19 oktober 1987. Hij werd 78 jaar oud en ligt begraven op het Uff-Kirchhof in Stuttgart.

Hermann Lang graf
Het graf van Hermann Lang in Stuttgart

14:08 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

02-04-09

donderdag 2 april 2009: Jack Brabham wordt 83 jaar

Jack Brabham toen
Jack Brabham

Vandaag, donderdag 2 april 2009, wordt de op 2 april 1926 in Sydney geboren Australische drievoudige wereldkampioen Formule 1, Jack Brabham, 83 jaar.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende hij in de Royal Australian Air Force.
Op 16 juli 1955 debuteerde hij in een Cooper-Bristol in de Formule 1 bij de Grote Prijs van Groot-Brittannië.
Op 10 mei 1959 won hij in een Cooper-Climax in Monaco zijn eerste Grote Prijs. Hij zou er in totaal 14 winnen.
In 1959 en 1960 werd hij wereldkampioen Formule 1 in een Cooper-Coventry Climax.
In 1961 richtte Jack Brabham samen met Ron Tauranac zijn eigen Formule 1 team op en ging hij zijn eigen wagens maken. Op 28 juni 1964 zorgde de Amerikaan Dan Gurney in de Grote Prijs van Frankrijk voor de eerste Grand Prix zege van een Brabham.

Jack Brabham 1967
Jack Brabham in 1967
 

Toen in 1966 de reglementen wijzigden en een nieuwe 3000cc-klasse werd opgericht werd Jack Brabham voor de 3e maal wereldkampioen Formule 1. Het was meteen de eerste keer dat een Formule 1-piloot wereldkampioen werd in zijn eigen wagen. Het jaar daarop werd de Nieuw-Zeelander Denny Hulme wereldkampioen, ook in een Brabham. In 1981 en 1983 werd de Braziliaan Nelson Piquet wereldkampioen in een Brabham, respectievelijk met een Ford en BMW-motor.
In totaal wonnen de Brabham wagens 35 Grote Prijzen, de laatste op 7 juli 1985 toen Nelson Piquet de Grote Prijs van Frankrijk won.
Eind jaren '60 raakte Brabham meerdere keren gewond en hij wilde afscheid nemen van het autoracen, maar omdat hij geen toprijders voor zijn team kon vinden reed hij nog één seizoen mee. Op 25 oktober 1970 reed hij in Mexico zijn 126e en laatste Grote Prijs.
Enige tijd later verkocht hij zijn aandeel in het Brabham team aan Ron Tauranac en keerde terug naar Australië.
Eind 1971 verkocht Tauranac het Brabham aan Bernie Ecclestone. Deze nam de Zuid-Afrikaanse ingenieur Gordon Murray aan boord en die zorgde er voor dat het Brabham team in de tweede helft van de jaren ’70 en de eerste helft van de jaren ’80 uitgroeide tot één van de sterkste teams in de toenmalige Formule 1.

Gordon Murray en Niki Lauda
Gordon Murray en Niki Lauda

Brabham stofzuiger
De Brabham "stofzuiger"

Piquet in Brabham
 Nelson Piquet in de Brabham

Eind 1986 verliet Murray het Brabham team. Een jaar later verkocht Ecclestone het team dat in 1988 niet deelnam aan het wereldkampioenschap. Van 1989 tot 1992 reden er terug Brabham wagens mee, maar als ze zich al konden kwalificeren moesten ze in de race opgeven en haalden zelden nog punten. Na de Grote Prijs van Hongarije van 16 augustus 1992 was het definitief gedaan. De eigenaar, het Japanse bedrijf Middlebridge, beschikte niet meer over voldoende geld.

Jack Brabham zelf werd in 1979 geridderd.
De drie zonen van Sir John Arthur Brabham - Geoff, Gary en David - zijn ook actief geweest in de autosport. Gary deed twee maal een poging om deel te nemen aan een Grote Prijs Formule 1 maar kon zich nooit kwalificeren. Geoff nam 10 maal deel aan de 500 mijlen van Indianapolis – zijn beste resultaat was een 4e plaats in 1983 – en won in 1993 samen met Eric Hélary en Christophe Bouchut in een Peugeot de 24 uren van Le Mans.

David Brabham
David Brabham

David reed 24 Grote Prijzen Formule 1 waarvan 14 in 1990 in een Brabham. In 1991 won David samen met Anders Olofsson en Naoki Hattori in een Nissan de 24 uur van Spa-Francorchamps. In 1994 keerde hij terug in de Formule 1 bij het Simtekteam. Tijdens de kwalificatieritten voor zijn derde race voor Simtek verongelukte zijn ploegmaat Roland Ratzenberger op het circuit van Imola. Een dag later zou Ayrton Senna op hetzelfde circuit het leven laten. In 1997 wint hij in Australië samen met zijn broer Geoff de Bathurst 1000. David is nog altijd actief als racer.

Jack Brabham is de oudste nog in leven zijnde oud-wereldkampioen Formule 1. Na hem volgen o.a. John Surtees (1964), Jackie Stewart (1969, 1971 en 1973), Mario Andretti (1978), Emerson Fittipaldi (1972 en 1974) en Niki Lauda (1975, 1977 en 1984).

15:23 Gepost door dutje in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: autosport, formule 1 |  Facebook |